Bodemjachtspinnen

Familie Gnaphosidae

Terug naar start <------


Zelotes praeficus

Deze famile van de bodemjachtspinnen is nauw verwant aan de famlie Clubionidae en bevat 41 soorten in tien genera in Noordwest Europa.
Alle soorten hebben lange cilindrische spintepels. Ze hebben weinig tekening op het achterlijf en de kleur van deze spinnen varieert tussen grijs-bruin en zwart.
Ze jagen gedurende de nacht en schuilen gedurende de dag in een zijden zakje.


Gnaphosidae youngsters
De vrouwtjes maken dikwandige eicocons in de zomer en bewaken hun jongen tot ze geboren zijn.  

Genus Drassodes

Muisspinnen, zoals deze soort genoemd wordt, hebben een harig grijs-bruin achterlichaam. Zij lijken op de Clubiona-soort maar zijn hiervan te onderscheiden door hun lange buisvormige spintepels.
Vrouwtje sluiten zich met de eitjes in een eicocon op. Het zijn nachtelijke jagers en zijn 9 tot 18 mm groot.
Drassodes lapidosus Drassodes lapidosus
Drassodes lapidosus Drassodes lapidosus
Drassodes lapidosus Drassodes lapidosus
Drassodes lapidosus Drassodes lapidosus


Genus Callilepis

Deze prachtige mieren-jagende spin kan op droge warme plaatsen gevonden worden.

Ze zijn 4 tot 7 mm lang. Mannetjes hebben een gouden glans over zich terwijl de vrouw een zilverachtige reflectie vertonen.

Callilepis schuszteri is zeldzaam in Nederland maar komt meer voor in Midden- en Zuid-Europe. Callilepis nocturna wordt tot in Finland waargenomen. Beide spinnensoorten lijken sterk op elkaar.
Paring vindt plaats in juni and er worden ongeveer twintig 7 mm grote eitjes in een witte cocon gelegd.


De spin jaagt met snelle bewegingen bij voorkeur tussen 12 en 14 uur in de volle zon op mieren. De mieren worden altijd van voren af aangevallen en in de antenne gebeten. Na de eerste snelle beet trekt de spin zich terug. Als de spin rondjes gaat lopen ten gevolge van de eerste beet komt de spin terug en geeft een langere beet. De mier wordt onder de spin naar een schuilplaats gebracht meestal aangevallen door de overige mieren die de verdoofde mier proberen te redden.
De spin overnacht in een spinsel onder stenen, hout of afval.

  Callilepis schuszteri or nocturna


Genus Poecilochroa

Twee soorten zijn beschreven in dit genus.
Het achterlijf is duidelijk getekend met witte haren.
Ze kunnen gevonden worden onder stenen en zijn actief in het zonnetje.
De spin is 6 tot 9 mm lang.
 

Poecilochroa conspicua

Poecilochroa conspicua

Poecilochroa conspicua

Poecilochroa conspicua


Genus Nomisia

Deze spin heeft een groote van 6 tot 12 mm en kan gedurende de dag aangetroffen worden, op droge plaatsen tussen gras of in duinen, jagend op mieren.

Nomisia aussereri Nomisia aussereri
Nomisia aussereri female. Nomisia aussereri male.


Genus Micaria

Deze spinnen worden ook wel mierspin genoemd.
Vijftien soort kent dit genus en ze zijn 2,5 tot 7 mm groot. De meesten kunnen rennend op de grond tussen stenen worden aangetroffen.
Ze hebben een opvallend iriserend achterlichaam, waardoor ze er prachtig uitzien in de zon.

Micaria romana
Micaria romana Micaria romana
Micaria pulicaria Micaria ZZ459
Micaria pulicaria Micaria ZZ459
Micaria ZZ458 Micaria ZZ458
Micaria ZZ458 Micaria ZZ458

Genus Scotophaeus (Herpyllus)

Scotophaeus blackwalli
Scotophaeus blackwalli

De drie species (Scotophaeus blackwalli, quadripunctatus and scutulatus) in dit genus zijn behoorlijk groot (8-16 mm) en lijken veel op elkaar. De spin heeft een muisgrijs voorkomen zonder opvallende tekening. Het zijn nachtelijke jagers and worden vooral rond het huis en onder boomschors aangetroffen.
Zoals aan de stevige poten is te zien zijn het agressieve jagers en lijken ze in gedrag een beetje op springspinnen. Zij besluipen hun prooi en bespringen het om die te overmeesteren. Scotophaeus is één van de meest efficiëntste insectenvangers in ons huis en schromen niet om andere spinnen te vangen.

Scotophaeus blackwalli
Scotophaeus blackwalli
Spintepels van Scotophaeus blackwalli Scotophaeus blackwalli
Scotophaeus blackwalli
Scotophaeus blackwalli
Boven Scotophaeus blackwalli bewaakt haar eitjes. Rechts detail van de kop en onder de achterpoot.
Scotophaeus blackwalli


 


Genus Zelotus

De meeste spinnen uit dit genus zijn zwart en ze zijn tussen de 3 en 8 mm groot
Het zijn nachtelijke jagers en ze leven op de grond tussen stenen en strooisel.
Ze maken een schijfvormige eizak die wit of paars van kleur is.

Zelotes pusillus
Zelotes pusillus

Zelotes praeficus

Zelotes praeficus

Zelotes praeficus

Zelotes praeficus

Zelotus pedestris

Zelotes pusillus

Zelotus pedestris

Zelotes pusillus

Zelotes latreillei Zelotes latreillei
Zelotes latreillei Zelotes latreillei


 Ed Nieuwenhuys, 20 Oktober 2011
5 September 2011, 7 Augustus 2011, 7 mei 2010, 1 maart 2003